MEGA MARKTMANIPULATIE

(23 april 2008)
 

Sommigen twijfelden. Meerderen dachten het. Hoewel de Amerikaanse centrale bank zich vooralsnog en waarschijnlijk blijvend in nevelen hult, blijkt dat de financiële markten niet meer door vraag en aanbod maar door interventies van bovenaf worden beheerst. Aanleiding vormt de vrijwel dagelijkse geldmarktaccommodatie door de centrale banken naar aanleiding van de kredietcrisis die eigenlijk al is ontaard in een bankencrisis. Wat ten tijde van het communisme zo verfoeid werd, blijkt nu ook in de Westerse wereld al dan niet openlijk plaats te vinden. De gevolgen worden met de oorzaken bestreden! Of zoiets als min maal min is plus.

Door de Gold Anti-Trust Action Committee, een orgaan dat nauwgezet alle bewegingen van de Fed volgt, wordt steeds meer bewijsmateriaal naar boven gebracht waaruit blijkt dat niet alleen de geldmarkt, doch ook de goudmarkt, de obligatiemarkt alsmede de aandelenmarkt worden “gestuurd”. Kortom, het gaat feitelijk om alle financiële markten! Op topniveau (afgeluisterd) spreekt men ondertussen van market rigging (rigging = optuigen, knoeien of manipuleren). Daarmee zou het gehele internationale financiële systeem volledig worden bijgestuurd  en “uitgewoond”.

Orkestratie
Toeval of niet, het afgelopen weekend maakte de New York Times, de grootste krant van Amerika, bekend dat het Pentagon al vanaf het begin van de oorlog in Irak ge(mis)bruik maakt van oud-generaals die voor het front van de meest bekende tv stations als CNN, FOX en CNBC door het Pentagon “georkestreerde” informatie naar buiten brengen. Tot nu toe nam elke journalist deze informatie voor zoete koek aan! Zelfs BNR’s uiterst objectieve commentator Bernard Hammelburg moest dit beamen.

De zware beschuldiging van marktmanipulatie is o.m. gestoeld op de ‘minuten’ (letterlijke verslagen) van de Federal Open Market Committee (FOMC), waarin al in 1998 werd gerept van gold swaps (gouduitleen tegen lage rente) uitgevoerd door het zgn. Exchange Stabilization Fund van het Amerikaanse ministerie van Financiën. In juli 1998 betuigde voormalig Fed voorzitter Alan Greenspan: ‘Central Banks stand ready to lease gold in increasing quantities should the price rise’ of: ‘centrale banken staan te allen tijde klaar om goud in toenemende hoeveelheden uit te zetten voor het geval de prijs stijgt’. Waarom wordt goud niet gewoon verkocht in plaats van geleast? Formeel blijft het goud op deze wijze in de boeken van de centrale bankiers staan.

Contradictio interminis
Tegelijkertijd verloochende Greenspan hierbij de uitleg van de goudlease op “dood” vermogen door toe te geven dat het leasen van goud wel degelijk bedoeld was om de goudprijs te drukken. Intussen kan de centrale bank zich al lang achter de oren krabben met de vraag hoeveel miljarden dollars al niet verloren zijn gegaan gezien de netto goudprijsstijging van meer dan 300% in de loop van nog geen 7 jaar. But who cares?   

Erkenning
Een en ander werd bevestigd door de erkenning van de Washington Agreement on Gold in 1999 waarbij de centrale banken samen werken om de goudprijs onder bedwang te houden. In die tijd gold nog de omgekeerde trend. Men beoogde toen dat de prijs niet te veel meer zou mogen dalen, omdat daarmee een eventueel deflatiescenario niet aan te scherpen. Ook zou een nog lagere goudprijs dan 250 dollar de goudproducenten voor grotere problemen stellen. De centrale bankiers hadden de goudproducenten nodig als staatsagent, via welke transacties direct kunnen worden afgesloten.

In 2003 bekende de Australische centrale bank zelfs dat ‘foreign currencies and gold are held primarily to support intervention in the foreign exchange market’ of: ‘het aanhouden van buitenlandse valuta en goud dient uitsluitend ter interventie van de markt’.

De meest recht voor z’n raap bevestiging van de goudprijsmanipulatie kwam van de Bank of International Settlements (BIS) te Basel in juni 2005. De bank verklaarde vijf hoofddoelstellingen van de samenwerking door de centrale banken voor ogen te hebben. De belangrijkste vormde ‘the provision of international credits and joint efforts to influence asset prices (especially gold and foreign exchange) in circumstances where this might be thought useful’ of: ‘de voorziening in het internationale geldverkeer waartoe de gezamenlijke inspanningen dienden om de goud- en valutamarkten te sturen waar dit als nuttig wordt geoordeeld’.

Erkenning uit andere hoek
Vervolgens werd in 2006 door de Crédit Agricole, zeg maar de Franse RABO, een rapport uitgebracht met als titel: “Remonetization of Gold, Start Hoarding” of wel: “koop goud want het goud wordt geremonitariseerd!” Populair gezegd: de rol van het goud als tegenwaarde van papiergeld wordt weer opportuun.

In september 2007 kwam Citigroup uit met een nieuw rapport getiteld “Gold: Riding the Reflationary Rescue” of wel: Goud, het “Reflatie Redmiddel”. Voorts berichtte deze bank in maart j.l. dat de centrale banken in die maand met grote nadruk de stijging van de goudprijs een halt hebben toegeroepen. Waaruit bleek dit? Wel, bij een productie van ongeveer 2.400 ton en een vraag van 3.400 ton zou de prijs aanzienlijk hoger moeten liggen, met een verder stijgend perspectief. Waarom viel de prijs juist in een korte spanne tijds met een dikke 100 dollar per ounce terug naar een niveau net boven de 900 dollar? Het blijkt dat het manipuleren van de goudmarkt onderdeel vormt van een wezenlijk totaalbeleid.

Interventies op alle financiële markten
De GATA stelt nu dat de oprichting van de centrale bank slechts interventie van de financiële markten tot doel had. Deze interventies beperken zich niet louter tot de geldmarkt, maar beslaan zoals gemeld alle financiële markten, inclusief de aandelenmarkt.

Er bestaat zoiets als een President’s Working Group, aangeduid als de ‘Plunge Protection Team’, dat dagelijks zorg draagt voor geldinjecties in de aandelen- en obligatiemarkt. Deze staan in de public records aangeduid als ‘repurchase agreements’, die de Fed afsluit met de belangrijkste financiële huizen, aangeduid als de Fed’s ‘primary dealers’. Dit verklaart onder meer de sterke stijging van de koers van Citicorp, nadat dit fonds weer meer moest afschrijven dan waarop door analisten gerekend was. De rest van de beurs deinde hierop vrolijk mee. Analisten konden dit niet anders verklaren dan dat “het ergste nu voorbij zou zijn”. Op deze wijze valt echter elke analyse in een groot zwart gat en valt er voor analisten weinig eer meer te behalen. Evenmin bestond er tot voor kort een verklaring voor de stationaire beursindexen. Sinds eind 2006 staat de Dow permanent boven de stand van 12.000 punten. Toch is er sinds die tijd wel enig slecht nieuws voorbij gekomen. Analisten verklaren dat het slechte nieuws intussen in de koersen is verwerkt. Merkwaardig dat dit dan niet in de indexen is terug te vinden. Kennelijk wordt slecht nieuws verwerkt als geen slecht nieuws. Je zal maar pensioenfonds zijn, wel degelijk adequate maatregelen hebben getroffen en telkens weer tot de conclusie komen dat er in feite “niks aan de hand” is.

Injecties
Zo blijkt dat er alleen al in het afgelopen half jaar voor meer dan 200 miljard dollar in de aandelen- en obligatiemarkt is geïnjecteerd, buiten de vele honderden miljarden die er in de geldmarkt zijn gepompt.

De goudmarkt vereist evenwel een wat delicatere aanpak, aangezien hier een verkoopplafond geldt van 500 ton op jaarbasis. Dat plafond geldt officieel voor de gezamenlijk centrale banken. Het IMF is hiervan formeel uitgezonderd en dreigt nu 400 ton op de markt te zetten, zogenaamd voor het ‘roteren van veronderstelde superior investments’ zoals obligaties en goud. Anders gezegd: door middel van deze aangekondigde goudverkopen probeert ook het IMF de goudprijs onder druk te houden. Maar er wordt nog een ander doel gediend. Met de opbrengst hiervan kan het personeel weer betaald worden, dat normaal vanuit de rente inkomsten werd gehonoreerd. Door de teruggelopen rente inkomsten als gevolg van aanzienlijk minder uitstaande leningen zou anders personeel op straat moeten worden gezet. Dit zou onderdeel van een gezonde bedrijfsvoering moeten zijn, maar niet bij het IMF!

Waarom geen media ophef?
De internet site van het IMF zegt 3.217 metric tons via designated depositories in bezit te hebben. Bij navraag wordt niet aangegeven welke depositories, doch daarmee worden slechts een aantal landen aangeduid zoals de V.S., Engeland, Frankrijk en India. Bij verdere navraag komen er geen concrete antwoorden. Een officiële verklaring van een register accountant ontbreekt. Dus moeten we aannemen dat het IMF nog steeds meer dan 3.200 ton goud in bezit heeft? Aangezien het hier publiek goud betreft, heeft het publiek – de belastingbetaler – evenwel volledig recht op een juist inzicht in de bezittingen van het IMF, zoals dat ook voor de nationale centrale banken geldt. Om deze gegevens metterdaad boven water te krijgen, zouden de financiële media hierover nadrukkelijk ophef moeten maken.

Vrijgave van stukken
De GATA deed ook navraag bij de Fed om toegang te krijgen tot documenten betrekking hebbend op de gold swaps. De Fed antwoordde over dergelijke documenten beschikking te hebben maar kon niet voorzien in een vrijgave van alle documenten. Er wordt nog gekeken welke documenten wel zouden kunnen worden vrijgegeven of te worden geredigeerd, omdat ze zgn. trading secrets (geheimen) bevatten. Dit laatste werd per telefoon en niet op schrift meegedeeld(!). Als er één ding duidelijk wordt, is het dat het Amerikaanse ministerie van Financiën op de hoogte is van zaken die aan het publiek niet worden toevertrouwd. Dat is op z’n minst opmerkelijk en bedenkelijk. Er vinden over de hoofden van de onderdaan praktijken plaats die het daglicht kunnen verdragen. Pas als de tsunami zich in beweging heeft gezet, wordt het rennen om het vege lijf te redden. Voor velen zal het dan te laat blijken te zijn.

Nogmaals, de rol van het goud
Nu ook Citigroup als één der grootste banken ter wereld erkent is dat de centrale banken, al dan niet in concert, de goudprijs middels het dumpen van goud bewust manipuleren, doemt de belangrijke vraag op WAAROM? Voordat de Fed  ueberhaupt ‘opening van zaken’ verschaft, luidt het antwoord: het goud is de enige valuta die in competitie is met papieren valuta’s. Goud vormt het enige spiegelbeeld van het monetaire beleid. Dat dient derhalve verhuld te worden door de goudprijs zo veel mogelijk te drukken en tegelijkertijd de rente op een aanvaardbaar niveau te houden middels de verkregen liquiditeit uit goudverkopen!

Goud, de beste verzekering
Aangezien de goudprijs in principe wordt bepaald door vraag en aanbod op de markt – en niet zou moeten worden bepaald door het op markt zetten van goud door de centrale banken – blijkt het belang in goud van de centrale banken als gevolg van falend beleid levensgroot te zijn! Goud is de enige onafhankelijke valuta, die een belegger als z’n beste verzekering kan opnemen als hij het beleid van de centrale bankier niet (meer) vertrouwt.

Anders gezegd: goud biedt de unieke mogelijkheid om aan het beleid van de centrale overheden te ontsnappen en tegelijk een signaal af te geven voor de inflatie als gevolg van het openzetten van de geldkraan. Naarmate de goudprijs verder stijgt, wordt er een brevet van onvermogen rond de nek van de centrale bankiers gehangen. De ontwikkeling van de goudprijs sinds 2001 zowel in dollars met ruim 300% als in euro’s met 200% vormt het tastbare bewijs. Er is niet één beurs die een dergelijk resultaat kan laten zien en er is evenmin één valuta die in die periode niet een aanzienlijk koopkrachtverlies heeft laten zien.

Goud als draaipunt van de koopkracht
Daarbij komt dat manipulatie van de goudmarkt onmiddellijk invloed heeft op alle andere financiële markten. De centrale bankiers maken in wezen misbruik van de geringe belangstelling hiervoor zowel van de zijde van de financiële pers, beursanalisten alsmede de burger! Maar dit beleid vormt wel de essentie van de koopkracht van diezelfde burger.

Beleidsverantwoording
Waar centrale bankiers klagen over onevenwichtigheden op de internationale financiële markten hoor je ze nooit klagen over hun eigen interventiebeleid dat zulks heeft veroorzaakt. Door dagelijks te interveniëren bereiken de banken niets anders dan dat markten niet meer worden beheerst door de normale krachten van vraag en aanbod. De verantwoording die wordt afgelegd aan de staat zal altijd uitgaan van het dienen van het staatsbelang. Daarbij wordt alleen openlijke verantwoording afgelegd voor zover dat het staatsbelang niet schaadt. De rest van de verantwoording blijft voor de gewone burger als slachtoffer onbekend. Is dat democratie? Dat lijkt verdacht veel op de geleide economie ten tijde van het communisme. In dit opzicht waren de voormalige communistische staten veel opener. De inrichting van deze economieën was immers op dit principe gebaseerd.

Alleen Paul Volcker die als Fed voorzitter de vorige stagflatiecrisis in het begin van de ’80-er jaren bezwoor dorst te zeggen dat deze crisis the mother of all crises is. Het is daarom geen wonder dat desperate ‘captains of the financial industry’ wanhopige daden plegen
 
Drijfanker
De totale goudreserves van de westerse centrale banken worden geschat op ruwweg 32.000 ton. Dat is zeg maar 15 maal de totale jaarproductie. Het vormt het belangrijkste drijfanker van ons internationaal/financieel/economische bestel.

Zonder dit drijfanker zou de rol van de dollar als reservevaluta al lang zijn uitgespeeld! De ontwikkelingslanden zijn met hun tot nu gering opgebouwde goudreserves sterk in het nadeel. Zij moeten het doen met dollarreserves die in steeds sneller tempo beginnen te verdampen. Je hoeft geen geleerde te zijn om te beseffen wat deze landen straks gaan doen, met de wetenschap dat edelmetaal in Azië ook bij de burger al eeuwen lang als het hoogste bezit telt.

Zoals voormalig vice president Alan Blinder van de Fed in 1994 verwoordde: ‘the last duty of a central banker is to tell the public the truth!’  Ofwel: de allerlaatste plicht van een centrale bankier is het publiek inlichten! Het juiste aantal tonnen goud in de bankkluizen vormt het best bewaarde geheim dat beter wordt bewaakt dan de blauwdruk van de modernste kernwapens. Om kort te gaan: ‘Gold is the most precious thing!’. Sterker: geen enkele centrale bank zal in staat zijn de goudprijs blijvend onder druk te houden! Hoe groter de druk, hoe groter straks de vrijkomende krachten.

Robert Broncel