SPECIAAL BERICHT INZ. BELEGGEN IN CHINA
(28 april 2006)


Deze week heeft de Chinese bank de rente met 27 basispunten verhoogd. Er staat nog steeds veel druk op de ketel van de Chinese munt. Doch de Chinezen zijn niet voornemens hun monetaire politiek te laten dicteren door de landen met de grootste handelstekorten zoals de Verenigde Staten.
 
Echter, door de rente te verhogen – overigens de eerste maal sinds 2004 – geven de Chinezen aan wel een beetje oor te hebben voor argumenten pro verhoging van de yuan. Immers, een renteverhoging werkt doorgaans door in de betreffende valuta. Frappant is natuurlijk, dat ondanks de koppeling van de yuan aan de dollar er tot dus ver geen renteverhogingen zijn toegepast. Met deze verhoging hoopt men de buitenlanders weer een beetje te paaien.
 
Gevolgen voor de groei?
Of dit een afzwakking van de groei in China inhoudt valt te betwijfelen, daar deze sinds de laatste verhoging in 2004 eerder verder aantrok dan afzwakte. Daar komt bij dat de Chinese autoriteiten – om sociale onrust voor te zijn – zo snel mogelijk alle inwoners van het land wensen te betrekken in de economische ontwikkeling. Wat dat betreft is er nog een lange weg te gaan en blijft het huidige groeicijfer haast onontbeerlijk.
 
De renteverhoging was natuurlijk mede ingegeven door de sterke stijging van de grondstoffenprijzen en inflatie dient natuurlijk wel tijdig het hoofd te worden geboden.
 
Valutaverhoging
Al met al is de yuan juist door het uitblijven van renteverhogingen relatief nog goedkoper geworden dan deze in de zomer van 2004 al was, de revaluatie van vorig jaar meegenomen. Op termijn zal China uiteraard niet ontkomen aan valutaverhogingen om de munt uiteindelijk vrij inwisselbaar te kunnen maken. Dat impliceert omgerekend voor buitenlandse beleggers gelijktijdig een ander prijskaartje (!) voor Chinese aandelen.
 
Japanse blauwdruk
De situatie in Japan in 1970 vormt bijna een blauwdruk voor de huidige ontwikkeling in China. Ook in die tijd creëerde de aan de dollar gekoppelde Japanse munt een ideale uitgangspositie voor de economische ontwikkeling in dat land. Een aandeel Sony deed in die tijd omgerekend ongeveer één dollar en zou 20 jaar later het 100-voudige doen toen de yen intussen al lang vrij inwisselbaar was.
 
Om bovengenoemde redenen behoeven beleggers in de juiste Chinese aandelen geen angst te hebben hun bezit op termijn te zien verdampen. Het is zaak om niet in “omgebouwde” en dikwijls corrupte staatsbedrijven te beleggen maar juist in nieuw opgezette bedrijven door in Amerika opgeleide “jongelui”.
 
Beleggersvraag
Van een belegger kregen we de vraag hoe het mogelijk is, dat een communistisch regiem in staat is over een lengte van jaren zulk een voorbeeldige bijna rimpelloze groeiontwikkeling te laten zien. Dat lijkt op volmaakt kapitalisme. Echter, in de eerste plaats moest deze ontwikkeling bijna vanaf het 0-punt worden opgestart en vervolgens bevindt er zich “achter de coulissen” een adviesteam van buitenlandse specialisten, dat in feite de regie voert.
 
Robert Broncel
28 april 2006
www.score-investments.nl