Goudprijs onstuitbaar
(7 maart 2006)

 
De voorspellende tekst van onze column van 12 juni 2001 (!) behoeft vooralsnog geen enkele aanpassing. De goudprijs stond toen op $ 270 per troy ounce en was op dat moment al bijna $ 20 verwijderd van het dieptepunt in datzelfde jaar. Daarbij moet wel worden aangetekend dat destijds aan de euro-dollarkoers een ander prijskaartje hing, namelijk van $
 0,88 in plaats van de huidige $ 1,20 per euro. Dus waar de dollar tegenover de euro met bijna 40% is gedaald, zou de goudprijs ook met circa 40% moeten zijn gestegen. Kijken we naar de goudprijs in euro’s, dan zagen we in juni 2001 een goudprijs van ƒ 21.800 per kilo (ofwel 9.890 euro per kilo) tegen circa 15.150 euro nu. Dat is een stijging van 53%!
 


Goud als valutarisicodekking
In plaats van het dollarrisico tegen een forse ‘premie’ te verzekeren zou een investering in baar goud dit risico ruimschoots hebben afgedekt. Een beter alternatief ligt evenwel in de aankoop van aandelen in één of meerdere goudmijnfondsen. Bij een gelijkwaardige investering van 9.890 euro bijvoorbeeld in Newmont Mining, het tweede grootste goudfonds ter wereld, zou men hiervoor omgerekend bijna 600 aandelen hebben kunnen kopen. Het aandeel deed destijds circa $ 15. Nu doet het aandeel ongeveer $ 50. Het rekensommetje van (50 x 600) : 1,20 (omrekeningskoers) is ongeveer 25.000 euro brengt ons tot het inzicht dat een dergelijke investering ‘goud geld’ zou hebben opgeleverd. Beleggers in dollars hebben bijgevolg op deze wijze niets te vrezen en spinnen er ruimschoots garen bij, even los van de vraag of het niet verstandig is ook in goudmijnen spreiding aan te brengen.
 
Afnemend vertrouwen in de dollar
Opmerkelijk is dat de dollar door de recente reeks renteverhogingen minimaal is gestegen maar dat de goudprijs juist veel sterker is gestegen. Toen Alan Greenspan, de voormalige president van de Amerikaanse Federal Reserve Board (Fed), in de zomer van 2004 de reeks renteverhogingen inzette, stond het goud op ongeveer $ 400 bij een euro-dollarkoers van $ 1,22. Na alle renteverhogingen vanaf het laagtepunt van 1% doet het goud bijna $ 560 en staat de euro op $ 1,20 tegenover de dollar. Dat is een significante ontwikkeling. Vrij vertaald zou je kunnen zeggen dat het vertrouwen in de dollar met circa 40% is gedaald en tegelijkertijd het vertrouwen in goud in deze periode van 20 maanden met ruim 50% is gestegen!
 


Signalen voor goud op groen
Alle signalen wijzen op een verdere opmars van het goud. Afgezien van het afnemend monetaire vertrouwen in leidende valuta’s als de dollar en de euro zijn daar de al vaak genoemde geopolitieke spanningen met accent op Irak, Iran en Saoedi-Arabië. Voorts de steeds toenemende vraag vanuit Azië tegenover een slinkend aanbod. De grote goudmijnfondsen slagen er steeds minder in hun reserves uit te breiden. Er wordt al jaren steeds meer goud uit de grond gehaald dan er wordt gevonden. Het vindbare goud is dikwijls moeilijker toegankelijk, waardoor de exploratie- en exploitatiekosten per ounce stijgen. Het ontwikkelen van nieuwe mijnen stuit op steeds meer milieubezwaren. Hierdoor mag tegelijkertijd een verdere consolidatie in deze branche worden verwacht. Hoe groter de huidige reserves, hoe meer waarde het mijnfonds vertegenwoordigt. Deze situatie is vergelijkbaar met de oliesector.
 
Stijgende vraagpotentie
Volgens het zojuist uitgekomen CPM 2006 Gold Yearbook zullen beleggers dit jaar ruim 45 miljoen ounces (omgerekend ruim $ 25 miljard) toevoegen aan hun reeds bestaande reserves. Met de toevoegingen van 46,7 miljoen ounces in 2005 en de 50 miljoen ounces in 2003 zijn dit de grootste opnames sinds WO II. Als gevolg van de gestegen goudprijs wordt een lagere vraag naar juwelen verwacht. Tevens beginnen goudmijnproducenten dit hogere niveau als structureel te zien en zijn daarop bereid meer te investeren in hun goudproductie. Deze ontwikkelingen zouden in principe op den duur voor een iets rustiger marktbeeld kunnen zorgen.
 
Volgens het Internationale Monetaire Fonds (IMF) heeft China nu nog maar 1,1% van de reserves in goud uitstaan. Dat is ver beneden het internationaal gemiddelde van circa 10% (versus Europa met gemiddeld 39% en de VS met 26%). Als China z’n goudreserves tot 10% zou verhogen, dan is er een slordige 3.000 ton nodig ofwel bijna het gehele goudaanbod. Er moet rekening mee worden gehouden dat dit land in ieder geval in de toekomst actiever op de goudmarkt zal opereren met het nodige prijsopdrijvende effect.
 
Amerika uit balans
De betalings- en handelsbalans van de VS zijn uit balans. Kenneth Rogoff, voormalig chief economist bij het IMF heeft berekend dat het Amerikaanse tekort op de lopende rekening ter grootte van 6% van het Bruto Binnenlands Product met 50% zou kunnen teruglopen bij een appreciatie van 18% van de Aziatische (Chinese) munten en een appreciatie van 8 à 10% van de euro. Bij het uitblijven hiervan zal de dollar op termijn alleen maar meer terrein verliezen. Van alle handelssurplussen in de wereld neemt Amerika ongeveer 75% voor haar rekening in de vorm van importen. Tegelijkertijd blijkt hieruit tevens de afhankelijkheid van de rest van de wereld van de koopbereidheid van de Amerikaanse consument.
 
China c.s.
De Chinese centrale bank heeft overigens onlangs aangekondigd een actiever beleid te gaan voeren met betrekking tot haar valutareserves van een dikke $ 800 miljard. Hiermee zou China gemakkelijk een aardverschuiving teweeg kunnen brengen, maar voor die optie zal het land ongetwijfeld niet kiezen.
 
Buiten China hebben de centrale bankiers van Rusland, Argentinië en Zuid-Afrika aangekondigd dat ze een groter gedeelte in goud wensen aan te houden. Dezelfde roep gaat uit van de olieproducenten in het Midden-Oosten.
 
Maar ook beleggers in Europese waarden, dus zonder direct valutarisico, zouden een belang in goud ernstig in overweging dienen te nemen als een ‘veiligheidsklep’ op hun portefeuille. Diverse analisten denken al lang niet meer aan een goudprijs van $ 1.000 per troy ounce, maar hebben er allerlei ingewikkelde rekensommetjes op los gelaten resulterend in goudprijzen oplopend tot $ 4.000!
 
Soortgelijke berekeningen werden ook gehanteerd in de jaren voorafgaande aan de ’crash’ van goud in januari 1980. Toen reeds zou de goudprijs door de barrière van $ 1.000 breken. Dat moet nu nog steeds gebeuren, hoewel dat nu wel een stuk waarschijnlijker is.
 
Volgens de World Gold Council in Londen steeg de vraag vorig jaar vijf keer zo snel als het aanbod. Ongetwijfeld zal een snel stijgende goudprijs leiden tot minder vraag, maar indien dat geleidelijk gebeurt, ontstaat er vanzelf gewenning of draagvlak. Dat bewijst de stelselmatige stijging van de goudprijs sinds het voorjaar van 2001.
 
Goud versus valuta’s
Hoe dan ook, de relatieve zwakte van de dollar en de euro plaatst de rest van de wereld voor de vraag waarin reserves te beleggen. Het goud als oudste commodity wordt als een natuurlijk alternatief gezien. Rogoff verwacht op grond van een en ander minder verkoopdruk van de zijde van de centrale banken en houdt nadrukkelijk de mogelijkheid tot juist nieuwe aankopen open.
 
Keerzijde
Uiteraard is ook gekeken naar factoren die voor een lagere goudprijs pleiten. Deze dienen zich eerst aan bij een flink aantrekkende rente nadat allereerst de inflatie zich eveneens sterk zou manifesteren. Een dergelijke situatie deed zich voor in 1980, toen de toenmalige Fed-president Paul Volcker, voorganger van Alan Greenspan, op het rentegaspedaal begon te trappen. De inflatie had destijds het niveau van 15% reeds gepasseerd. Hiervan zijn we nu nog ver verwijderd. Van de nieuwe (politiek benoemde!) Fed-voorzitter Bernanke wordt vooralsnog geen stringent verkrappend beleid verwacht. Evenmin is er sprake van ‘irrational exuberance’ of wilde speculatie zoals zich aan het eind van de jaren ’70 voordeed.
 
Kortom, er zijn maar weinig beren te vinden op het pad van een verder stijgende goudprijs, onderstreept door het huidige relatief consistente beeld.
 
Robert Broncel

7 maart 2006
www.score-investments.nl