VENSTER OP HET VERRE OOSTEN
(31 maart 2004
)

 
De positie van de Verenigde Staten noch van Europa kan los worden gezien van de rappe ontwikkelingen in het Verre Oosten. Leek het na de Azië crisis in 1998 dat we deze regio nog niet al te serieus hoefden te beschouwen, inmiddels weten we dat het slechts om een groeistuip ging. Ook destijds reageerden de beurzen er heftig op. Zo zakten de Dow van 9000 naar 7600 punten, de Nikkei van 16500 naar 13200 en onze AEX van 1240 naar 820 (guldens index). Daarna leek het Verre Oosten beleggingstechnisch een nogal risicovolle omgeving.
 

Even opvallend is dat de beurzen in Azië sinds de zgn. tech wreck meer te bieden hebben gehad dan de beurzen in de V.S. of in Europa. Japan is in zoverre achterblijver gebleven, dat de Nikkei zich nagenoeg heeft geconformeerd aan Wall Street. Maar waar Wall Street dit jaar achterblijft, zien we de Nikkei met een goede 1000 punten stijgen. Deze stijging heeft natuurlijk alles te maken met het toegenomen beleggersvertrouwen, terwijl de Japanse economie een jaar geleden nog “in coma lag”.
 

De verklaring ligt minder evident in Japan zelf als wel daarbuiten en wel met name in China. Deze twee gezworen aartsvijanden in het verleden kunnen elkaar thans niet meer missen. Om 2 redenen: de sterk toenemende onderlinge handel als ook dat ze beide op grote schaal de Amerikaanse schulden blijven financieren. De V.S. vormen voor beide de grootste afzetmarkt en beide zijn het mega inkopers van Amerikaans schuldpapier (vorig jaar ruim 650 miljard dollar(!). Maar het is vooral het Chinese marktgebied dat de Japanse economie thans geen windeieren meer legt. Met name China is zeer beducht voor een renteverhoging in de V.S., omdat deze de groei aanmerkelijk zou kunnen vertragen.
 

De Chinese economie kan intussen worden beschouwd als de grote aanjager van de wereldeconomie met in haar kielzog Taiwan, Zuid-Korea, Thailand, Maleisië en vooral ook India. Dit laatste land, ook al geen vriend van de Chinezen, doet er alles aan om het Chinese groeitempo bij te houden. Met bijna even hoge groeicijfers gaat dat natuurlijk ook zeer goed.
 

En Amerika dan, is de rol van dat land uitgespeeld? Geenszins, maar er is wel een opmerkelijk verschil met Azië. Waar de groei in Azië ‘sustainable’ (duurzaam) is, kan dat niet van de V.S. worden gezegd daar het land volledig op de pof leeft. Dat valt niet langer vol te houden dan de financiers (China en Japan) toelaten. Of anders: het lot van de Amerikaanse president ligt niet langer in de schoot van het thuisfront maar op het Aziatische continent.
 

Natuurlijk valt niet te ontkennen, dat de Amerikaanse economie nog altijd voor 40% het wereldbeeld omvat. En aangezien de Amerikaanse consument voor 2/3 het economisch klimaat bepaalt, betekent het dat deze consument voor ca. 25% invloed heeft op de wereldeconomie.
 

De Chinese industriële productie ligt op een groei van bijna 20%. Kom daar in de V.S. eens om? Natuurlijk is zo’n groeicijfer niet vol te houden, maar kan naar onze maatstaven ook niet zonder gevolgen blijven. Men vreest dan ook voor oververhitting in China met als gevolg een terugval. Dat is evenwel het westers kapitalistisch scenario. Echter, de recente crisis in Azië heeft met name in China wel tot denken gestemd. Buiten de voormalige Soviet Unie heeft geen land ter wereld zoveel ervaring opgedaan met de “geleide” economie als juist China. Recent heeft de Chinese regering dan ook aangekondigd om het huidige groeicijfer neerwaarts bij te stellen.
 

De Chinese regering staat onder zeer grote druk. Enerzijds beseft men met de toenemende welvaart de onderdanen rustig te houden. Anderzijds dient de economische groei op straffe van maatschappelijke onrust wel een permanent karakter te behouden zonder al te grote bergen en dalen.
 

Door hun handel met andere met name Aziatische landen uit te breiden, hopen de Chinezen in de toekomst minder afhankelijk te zijn van de V.S. Japan profiteert hiervan intussen ten volle. In het laatste kwartaal van vorig jaar groeide de Japanse economie op jaarbasis zelfs met ruim 7%, een groei sinds begin jaren ’90 niet meer gezien. Zo zagen we o.a. tevens het aantal faillissementen met 18% dalen, proberen de banken nu hun deficieten te saneren en daalt de werkloosheid. Het zijn vooral de staal-, chip-, bouw- en installatie sectoren die het meest profiteren van de Chinese groei.
 

Waar de V.S. tot voor kort golden als het trekpaard van de wereldeconomie dreigt deze rol in de niet al te verre toekomst meer en meer door die van China inclusief de Chinese regio (Thailand, Maleisië alsmede India) te worden overgenomen. Echter, waar het gaat om hoogwaardige kwaliteit en innovatie zal Amerika nog wel enige tijd een prominente rol blijven spelen.
 

Tragisch is dat Europa op nagenoeg alle vlakken achter blijft en het geprietpraat van de heren politici meer op navelstaren begint te lijken als men al niet op elkaar wijst. Van groei zal in Europa vooralsnog weinig sprake kunnen zijn om een aantal redenen:

  

1)  De begrotings- en staatsschuldafspraken in Maastricht in 1991.

2)  De kwaliteit van het onderwijs, waarin te weinig wordt geďnvesteerd

3)  De Oostduitse steen aan het Westduitse been.

4)  De grote pensioenproblematiek in alle grote landen van Europa; pensioenen

     werken veelal nog op basis van het omslagstelsel zoals bij ons de AOW.

5)  De nog steeds veel te geringe arbeidsflexibilteit.

6)  De weergaloze overregulering.
 

Het voert te ver hierop in dit bestek in te gaan maar deze omstandigheden maken duidelijk, dat Kok als nieuwe Europese “groei”coördinator weinig meer zal kunnen bijdragen dan een paar mooie woorden. Alleen zelf zal hij er wel garen bij spinnen.
 

Samengevat luidt de conclusie voor beleggers, dat de meest duurzame economische groei in Azië is te vinden alwaar men de financiële problemen van Amerika noch de economische ‘dead lock’ situatie van Europa kent. Verder valt er natuurlijk nog een gigantische economische inhaalslag met het Westen te maken. En dat Aziaten nijver en ijverig kunnen zijn, dat wisten we al. Immers, sociale zekerheid is er niet of nauwelijks aanwezig, dus men moet wel!
 

Robert Broncel
31 maart 2004

www.score-investments.nl